Politiegeweld tegen vluchtelingen en migranten onderweg in België

Politiegeweld tegen vluchtelingen en migranten onderweg in België

Email
Uit onderzoek van Dokters van de Wereld blijkt dat 1 op 4 transmigranten in ons land geconfronteerd wordt met politiegeweld. Uit het rapport blijkt dat dit geweld divers, illegaal en buitensporig is van aard: van vuistslagen, trappen en wapenstokslagen, arbitraire en gedwongen naaktfouilleringen, afpersing, vernederingen tot en met chantage om vingerafdrukken te verkrijgen en niet-wettelijke inbeslagname van persoonlijke bezittingen.

“Al sinds de start van de medische consultaties voor vluchtelingen en migranten onderweg in ons land, worden onze vrijwilligers in Brussel maar ook aan de kust, geconfronteerd met verhalen van politiegeweld.” vertelt Nel Vandevannet, directeur Belgische projecten, op de vraag naar de beweegredenen van dit onderzoek “Dit rapport brengt voor het eerst de omvang van deze problematiek op een gestructureerde en methodische manier in kaart.” Het rapport is het resultaat van een bevraging bij 440 mensen in de humanitaire hub.  25% of 110 personen verklaarden geconfronteerd te zijn met politiegeweld. 53% of 59 personen gingen akkoord om langdurig te worden geïnterviewd. Na correcties eindigden we met een steekproef van 51 valide getuigenissen.

Geweld op het terrein en op het commissariaat

Meer dan de helft (58%) van de ondervraagden verklaart dat ze tijdens de arrestatie werden geslagen met handen, voeten of matrakken. “De helft verklaart dat dit geweld werd toegediend op het moment dat zij reeds geïmmobiliseerd waren”, vertelt Nel Vandevannet, Directeur Belgische projecten Dokters van de Wereld. “Anderen verklaren het slachtoffer te zijn van afpersing en diefstal van geld.” Het meeste geweld vond plaats op het commissariaat, voor de opsluiting in een cel. 66% van de gearresteerde respondenten verklaart op dat moment geconfronteerd te zijn geweest met psychologisch en fysiek geweld, met name tijdens naaktfouilleringen en de afname van vingerafdrukken. Politieagenten mogen enkel naaktfouilleringen uitvoeren om te controleren of iemand verboden middelen op het lichaam draagt en alleen als daar ernstige aanwijzingen en sterke vermoedens voor zijn ” 

Toch werd 6 op de 10 van de gearresteerde personen gedwongen tot een naaktfouillering, die in 72% van de gevallen gepaard ging met vernederend gedrag, waarbij de naakte personen werden geslagen, uitgelachen of tegen de muur werden geduwd terwijl een andere agent hun ondergoed uittrok: “Toen we in het commissariaat aankwamen, moesten we een ruimte binnengaan, waar we werden afgeranseld. (….)  Toen ik hun vroeg waarom ze me als een beest behandelden, sloegen ze me nog meer. Daarna moesten we ons volledig uitkleden en achter elkaar gaan staan, zodat ze ons konden fouilleren. Toen ik niet wilde, trokken 4 politieagenten hardhandig mijn kleren uit. (…) Er waren ook vrouwelijke politieagenten. Zij deden niets, maar lachten ons uit.”, vertelt een Libische man van 29

Gebruik van geweld tijdens het nemen van vingerafdrukken

Van de personen die gearresteerd werden, weigerde 33% zijn afdrukken te geven. Elk van hen werd geconfronteerd met ernstig fysiek en psychologisch geweld.  Hierbij keren telkens dezelfde tactieken terug: vuistslagen, trappen en wapenstokslagen, het plaatsen van personen in een erg koude cel (“fridge house”) in T-shirt of uitsluitend in onderbroek, slaap- en voedseldeprivatie, verbod op gebruik van sanitaire voorzieningen en het laten zitten van een geboeide persoon in een pijnlijke positie gedurende opeenvolgende uren: "De agent schreeuwde erg hard tegen me, zodat ik ermee zou instemmen mijn vingerafdrukken te laten afnemen. Die wilde ik niet geven, dus zeiden ze me dat ik er 48 uur zou moeten blijven. Mijn armen zaten ongeveer 48 uur lang op mijn rug vast. Ze duwden me met geweld de cel in. Omdat ik geboeid was, viel ik op de grond en heb ik mijn arm bezeerd. Ze maakten de handboeien alleen los toen ik naar het toilet moest. Ik had het erg koud in de cel, omdat ik alleen een T-shirt en onderbroek droeg, terwijl een ventilator aan stond. Toen ik om mijn kleren vroeg, weigerden ze me die te geven. Ik had ook gevraagd om mijn handen los te maken, omdat ik te veel pijn had, maar ze antwoordden me in het Engels: ‘Keer gewoon terug naar je land. Vraag daar maar om je los te maken’.” getuigenis van een minderjarige man uit Eritrea.

Mensonwaardige opsluiting

“Onze Belgische wet stelt dat iedereen die omwille van welke reden ook in een cel belandt, recht heeft op water, sanitair en een maaltijd” vertelt Vandevannet. Toch blijkt uit het rapport dat 41% van de gearresteerde personen 15 uur of langer niets te eten of te drinken kreeg. Daarnaast verklaarden 4 personen dat ze geen gebruik mochten maken van het toilet. Eén persoon verklaarde dat hij 48 uur lang zijn behoeften moest doen in een emmer. Ook op het moment van de vrijlating blijkt er sprake te zijn van problematisch gedrag: in 40% van de gevallen werd de GSM niet teruggeven en ook de inbeslagname van medicatie en medisch materiaal blijkt terugkerend probleem te zijn: “Tussen februari en juni 2018 kwam een vijftiental patiënten de arts raadplegen in de Humanitaire Hub nadat hun geneesmiddelen in beslag waren genomen, van antibiotica tot behandelingen voor chronische aandoeningen zoals epilepsie. Een hiv-patiënte kreeg na haar arrestatie haar tas niet terug en had bijgevolg geen medicijnen meer. Bij aankomst in de Humanitaire Hub moest ze met spoed in het ziekenhuis worden opgenomen” vertelt Louisa Ben Abdelhafidh, medisch coördinator.

Minderjarigen op dezelfde manier behandeld als volwassenen.

Net geen 1 op 3 (27,5 %) van de getuigen in het rapport was minderjarig op het moment van de bevraging en 29 % van het in dit onderzoek gemelde geweld werd gepleegd op minderjarigen.   “Zorgwekkend en onaanvaardbaar” aldus Dokters van de Wereld: “Momenteel dolen duizenden onbegeleide minderjarige vluchtelingen en migranten rond in Europa.  Het gaat om een erg kwetsbare groep, een makkelijk doelwit voor mensenhandelaars en clandestiene netwerken.  De wet voorziet dat een politieagent die vermoedt dat een persoon minderjarig is, meteen contact opneemt met de Dienst Voogdij in ons land.  Uit ons onderzoek blijkt dat deze beschermende maatregelen niet worden genomen, en wel integendeel: de minderjarigen in ons rapport worden op dezelfde – soms extreem gewelddadige-  manier behandeld als volwassenen.” 

50% van de minderjarigen gaf aan dat ze tijdens controles of arrestaties op het terrein hardhandig geslagen of gebeten werden door honden. 4 minderjarigen getuigden over de immense vernedering toen ze naakt gefouilleerd werden in het politiecommissariaat. Twee van hen werden met geweld gedwongen om hun ondergoed uit te trekken. 1 minderjarige werd in onderbroek en T-shirt opgesloten in een koude cel met de airconditioning aan. 2 anderen werden het slachtoffer van chantage en moesten hun vingerafdrukken laten afnemen in ruil voor eten en drinken of hun vrijlating.

Wat nu?

Dit rapport onthult een realiteit die tot hiertoe verborgen bleef: een aanzienlijk deel van de transmigranten in ons land wordt geconfronteerd met buitensporig fysiek en psychologisch geweld en 1 op 3 van deze slachtoffers is bovendien minderjarig.   “Op korte termijn vragen we dat elke vorm van politiegeweld onmiddellijk stopt, dat de wet wordt gerespecteerd en dat zij die zich aan dergelijke praktijken schuldig hebben gemaakt, veroordeeld worden.  Daarnaast is er nood aan een fundamenteel debat over ons migratiebeleid: dit geweld is symptomatisch voor en het gevolg van een migratiebeleid dat tot hiertoe eenzijdig heeft ingezet op repressie en criminalisering van migranten.”  

Met dit rapport richt Dokters van de Wereld zich dan ook in eerste instantie tot onze beleidsmakers: zij zijn verantwoordelijk voor wat zich op het terrein afspeelt.  “Niet alleen de migranten, maar ook de lokale en federale politiediensten worden al maanden onder een onhoudbare druk gezet en zijn een speelbal van een dure, zinloze en schadelijke jacht op migranten.  Het politieke discours heeft langzaam maar zeker geleid tot een erosie van de menselijkheid van migranten en geleid tot een oplopende druk en gevoel van uitzichtloosheid bij de politie-eenheden op het terrein. Die realiteit heeft uiteindelijk een impact gehad op het gedrag van sommige politieagenten.”  Dokters van de Wereld vraagt in haar aanbevelingen ten slotte om de opening van een onthaal- en oriëntatiecentrum, beschermende maatregelen voor minderjarigen en een gedoogbeleid ten aanzien van de humanitaire hulpverlening.